01
Bonen weken
De avond ervoor: bedek de gedroogde bonen met koud water en laat ze een nacht weken. Ze moeten minstens verdubbelen in volume.
02
Vlees aanbraden
Giet de bonen af. Verhit de olijfolie in een grote, zware pan op middelhoog vuur. Braad de varkensblokjes rondom bruin in ongeveer 5 minuten. Voeg dan de chouriço, het spek en de morcela toe en braad nog 3 minuten. Schep het vlees uit de pan.
03
Basis opbouwen
In dezelfde pan, vuur lager. Fruit de ui 8 minuten tot zacht en goudbruin. Voeg knoflook, paprikapoeder, komijn en peper toe; roer 30 seconden tot het geurt.
04
Deglaceren
Schenk de witte wijn erbij en schraap de aanbaksels van de bodem los. Laat 2 minuten doorpruttelen.
05
Stoven
Doe het vlees terug in de pan. Voeg de geweekte bonen en de laurierblaadjes toe. Bedek met water tot 5 cm boven het mengsel. Aan de kook brengen, dan vuur laag, deksel erop, en 2½ tot 3 uur zacht laten stoven. Roer elke 20 minuten. Voeg water toe als het te dik wordt — de eindtextuur is dikke soep, geen pap.
06
Op smaak brengen en serveren
Proef en breng op smaak met zout en peper. Vis de laurier eruit. Serveer in diepe borden over witte rijst, met een kant van gesmoorde kool, een schijfje sinaasappel erbovenop, en een snufje farofa als je het hebt.